| Nieuws | ||
|
De Derde Wereld is niet zielig | |
|
Door Rob Cox Coimbatore Krishnarao Prahalad. Klinkt als een toverspreuk maar het is de naam van een van de meest innovatieve denkers in de hedendaagse economie. Een lezing van hem kost 100.000 dollar. Op 20 mei komt hij naar Maastricht. Zo, en nu moet het maar eens afgelopen zijn met ons idee dat de Derde Wereld zielig is. Niet heel Afrika voldoet aan het beeld dat we hebben van Soedan. Niet heel Azië is zo arm als Bangladesh. De Derde Wereld zit vol economische kansen en creativiteit. ,,En als we niet opletten dan lopen we binnenkort al achter op landen als India en China. Op sommige vlakken zijn zij al op hetzelfde niveau, of beter", zegt professor Ron Tunninga, directeur van de Maastricht School of Management. Tunninga is de man die C.K. Prahalad naar Maastricht heeft gehaald. In de wereldtop 50 van economische denkers staat professor Prahalad in 2007 op nummer 1 (www.thinicers50.com), nog vóór Bill Gates en Alan Green-span. En ja, Prahalad komt uit het land van de heilige koeien en het middeleeuwse kastenstelsel: India. De Indiase professor is de bedenker van de theorie van het fortuin op de bodem van de piramide. Vijf miljard mensen van de wereldbevolking moet rondkomen van een jaarinkomen van 800 dollar. Dat is erg weinig, maar staat nog altijd voor een potentiële markt van 40 biljoen dollar. ,,De benadering van die markt vergt natuurlijk wel een andere aanpak dan de westerse ondernemers gewend zijn", zegt Tunninga. ,,De meeste bedrijven nemen die moeite niet. Opmerkelijk genoeg richten bijna alle bedrijven zich op de rijke markt, het miljard mensen in Europa en Noord-Amerika. Daar wonen de mensen die meer te besteden hebben. Maar de Derde wereld heeft dus nog een enorm marktpotentieel." De marktpotentie van de Derde Wereld is maar één onderdeel van de theorie van Prahalad. Een theorie die de westerse wereld erop wijst om anders tegen de arme landen aan te kijken. Verreweg het belangrijkste onderdeel is die van 'creativiteit door gebrek'. Wie niks heeft, wordt extreem innovatief in overleven. Een van de voorbeelden die Prahalad in zijn boeken en lezingen regelmatig aanhaalt is die van de lichaamsprothesen. In India woont een miljard mensen. Een deel van hen is gehandicapt, mist een arm of een been. Krukken zijn natuurlijk eenvoudige hulpmiddelen, maar prothesen zijn beter. De Indiërs kunnen de dure westerse prothesen echter niet betalen. Tunninga: ,,India heeft dus een eigen prothesenindustrie ontwikkeld. Die Indiase kunstledematen zijn een factor honderd goedkoper dan de westerse. En kwalitatief doen ze niet onder. Ik heb een keer een filmpje van een man gezien die uit een boom sprong met zo'n prothese. Daarna liep hij gewoon weg. Dat komt natuurlijk omdat zo'n kunstbeen heel degelijk moet zijn. India kent bijna geen verharde wegen of trottoirs. Overal zitten kuilen in de weg." Die goedkopere protheses zijn inmiddels een exportproduct geworden van India. ,,En ze zullen hun weg ook vinden naar Europa", schat Tunninga in. Alleen al omdat ze zoveel goedkoper zijn. Een ander voorbeeld dat Tunninga aandraagt, is het Indiase staalconglomeraat Tatra. Dat concern maakt autootjes voor een consumentenprijs die naar Indiase maatstaven nog bereikbaar is: 3000 euro. Natuurlijk zijn de personeelskosten laag, maar er is ook gezocht naar goedkopere onderdelen of toepassingen. Innovatie dus. Op dit moment kijkt de Westers industrie nog wat meewarig naar het lowbudget-autootje. Het voldoet niet aan de Westerse luxeeisen, stellen ze. Maar Tunninga weet zeker dat er interesse is voor een goedkoper wagentje. „Al was het maar als tweede auto. En Tatra komt er aan. Ze hebben niet voor niks onlangs Landrover en Jaguar gekocht." De theorie van Prahalad is dat de westerse bedrijven de kansen moeten benutten die de armere landen bieden. Met name op het gebied van creativiteit. Dat levert een situatie op waarin beide partijen profiteren. Het Westen levert de kennis, de Derde Wereld innovatiekracht. Wat dat laatste betreft: de gemiddelde Westerse manager innoveert vanuit zijn vertrouwde (luxe) omgeving en heeft alle middelen ter beschikking. Prahalad begeleidde ooit een aantal managers van BP die een milieuvriendelijke kooktoestel voor India wilden maken. Toen het tijd was voor de lunch stond Prahalad op. In plaats van voor te gaan in een copieuze lunch, gaf hij ze allemaal twee kwartjes. „Ik wil dat jullie de stad in gaan en jullie eigen lunch kopen. Over een uur beginnen we weer. Veel succes." Het kostte de BP-managers nogal wat moeite eten te zoeken in de armste wijken. Toen ze terugkwamen benadrukte Prahalad dat de meeste Indiërs elke dag van dat bedrag moesten rondkomen. Dat ze daar aan moesten denken bij de ontwikkeling van het toestel. Samen met de Indiërs lukte dat. Er worden jaarlijks honderdduizend stuks van verkocht. `Technologie versnelt opmars Derde Wereld' Dringt zich natuurlijk de vraag op of de theorie van Prahalad een bedreiging is voor onze manier van leven. Sommige bedrijven hevelen nu al Nederlands werk over naar India of China, omdat het personeel daar goedkoper is. Tot op zekere hoogte is dat zo, stelt Tunninga. In feite is het eenzelfde ontwikkeling als die in Europa. Door meer landen toe te laten tot de EU, is een golf goedkope arbeiders uit Polen over Europa getrokken. Daardoor zijn ook in Nederland banen verdwenen. Gevolg is wel dat de welvaart in Polen stijgt, de economie daar aantrekt en op de langere termijn minder Polen naar het westen trekken. Polen wordt daarentegen wel een interessante afzetmarkt. Voordat een ontwikkeling als deze mondiaal plaats heeft gevonden, zijn we waarschijnlijk al generaties verder. Maar volgens Prahalad is technologie een versnellende factor. Mobiele telefonie en internet zorgen ervoor dat de mensen in de Derde Wereld hun informatieachterstand heel snel inlopen. „De tijden dat een boertje in Afrika niet op de hoogte was van de wereldmarktprijzen, is voorbij. Een vast telefonie-net werk is er bijna niet in Afrika. En het is door de GSM ook niet meer nodig." Afrika is van de negentiende eeuw meteen de eenentwintigste binnengestapt. Twee basisrichtlijnen volgens Prahalad zijn hierboven al beschreven. De bereidheid om wereldwijd talent en kwaliteit te gebruiken voor snelheid en kostenreductie, en het verrijzen van de onderste piramidelaag als middel voor wereldwijde groei en verandering. En als laatste zullen de gebruikers steeds meer ingezet worden als klankbord door bedrijven. Ze zullen, door problemen te signaleren en op te lossen, een rol spelen bij het creëren van nieuwe kansen. „Deze drie krachten zullen, gezamenlijk, de economische wereldorde veranderen", zegt Prahalad. C.K. Prahalad geeft op 20 mei een lezing bij de Maastricht School of Management. Het bijwonen van deze lezing kost enkele honderden euro's. Prahalad heeft afgezien van betaling. Met de opbrengst wordt een Prahalad-beurs ingesteld die het studenten uit de Derde wereld mogelijk maakt in Maastricht te studeren. Meer informatie: www.msm.nl/prahalad. Bron: Dagblad de Limburger, zaterdag 3 mei 2008. |
||
| Contact | Mondiaal Platform Venlo: Geeft de wereld een gezicht! |