Rubrieken
Met het oog op:  




Job van Beuzekom
Waarom ontwikkelingssamenwerking?

‘Een verstandige investering van geld levert per saldo geld op’ volgens onze minister Agnes van Ardenne.

Ieder zal zo zijn eigen motieven hebben voor ontwikkelingssamenwerking. De tegenstanders zouden kunnen wijzen op het effect van deze samenwerking dat in vergelijking met de doelstellingen heel erg beperkt is en vandaar dat de visie hierop, tot uiting komend in de politieke benadering, voortdurend verandert. Ook de benaming is veranderd, geen hulp meer, maar samenwerking.

Waarom toch ontwikkelingssamenwerking? Door het welvaartsniveau te verhogen wordt armoede in arme landen bestreden, wordt de migratie naar rijke landen ingedamd en voorkomen we integratieproblemen in de rijke landen. Al met al zowel humane motieven als eigenbelang, de één legt meer nadruk op het ene, de ander op het andere. Ik denk dat beide motieven aanwezig zijn.

Waaraan zou moeten worden voldaan om tot positieve resultaten te komen? Aan welke condities zou moeten worden voldaan om de gestelde doelen te kunnen verwerkelijken? Allereerst zullen beide partijen het eens moeten zijn over de beoogde ontwikkeling, de ontvangers zullen moeten willen dat zij bij hun ontwikkeling worden geholpen. Hoewel we nu spreken van ‘samenwerking’ is dat wel een samenwerking tussen niet gelijkwaardige partijen. Aan die samenwerking worden veelal voorwaarden verbonden die de gelijkwaardigheid om zeep helpen en die voor de ontvangende partij niet acceptabel zijn. Als die partijen dan sterker worden weigeren ze soms die samenwerking, zoals Indonesië dat geen inmenging in binnenlandse aangelegenheden duldt (mensenrechten) en India dat liever op zakelijke voorwaarden wil samenwerken met de Wereldbank dan giften met voorwaarden te ontvangen.

Onze normen en waarden verschillen van die in andere landen en zeker in ontwikkelingslanden. Het opleggen van onze normen en waarden kan niet, dat zou een bevoogding of betutteling van die landen zijn. Maar wat te doen als onze normen en waarden t.a.v. bijv. mensenrechten, kinderarbeid, in het betreffende ontwikkelingsland niet worden geaccepteerd? Wie moet er dan overstag gaan? Gaat het uiteindelijk om het helpen van mensen of om het exporteren van onze opvattingen wat ‘goed’ en wat ‘kwaad’ is?

Ontwikkelingssamenwerking dient gericht te zijn op het stimuleren van reeds op gang gebrachte ontwikkelingen. Dat kan door te helpen locale condities te verbeteren, zoals onderwijs, gezondheidszorg, verstrekken van kredieten, maar ook door restricties op gebied van export en import in ‘rijke’ landen voor de ontwikkelingslanden te beperken. Al met al zal dit vergezeld moeten gaan met ruimte voor de mensen ter plekke hoe dit vorm te geven.

Ontwikkeling is een proces dat veel tijd vraagt. Ontwikkeling moet niet worden verward met verandering. Door TV en GSM’s worden enorme veranderingen in een hoog tempo teweeggebracht, maar of dit gepaard gaat met ontwikkeling is een vraag. Ontwikkeling heeft te maken met de manier van denken en het dagelijkse gedrag, hoe men met elkaar omgaat en veranderingen hierin, c.q. verbeteringen, zijn langzame processen. Niet alleen in ontwikkelinglanden, maar ook bij ons.

We moeten ons dus realiseren dat voor positieve resultaten aan veel voorwaarden moet worden voldaan. Als we dit beseffen kunnen we ook de ‘teleurstellingen’ begrijpen en accepteren. En verder gaan met ontwikkelingssamenwerking en blijven zoeken naar de beste benadering.

Job van Beuzekom, penningmeester Mondiaal Platform Venlo.
Mondiaal Platform Venlo: Geeft de wereld een gezicht!